INTERVIEW  
Cool and Comfort 84 – februari 2020

F-gaswetgeving – Wat brengt de toekomst?

De F-gaswetgeving dendert als een trein door de koelsector. De gebruikers willen hun investeringen in koelapparatuur verzilveren met futureproof oplossingen die vele jaren voor gemoedsrust zorgen. De industrie zet alle zeilen bij om technologische innovaties te ontwerpen waarmee zowel de wetgever als de klant tevreden is. En daar tussenin staat de installateur, wiens opdracht als adviseur steeds belangijker wordt.

Door Rudy Gunst

Dat Europa een voortrekkersrol speelt in de mondiale strijd om de klimaatproblemen aan te pakken, is al langer geweten. De meerkost die dit milieuvriendelijk beleid veroorzaakt stuitte op protest, maar het is wat het is en geen actie nemen is geen optie. Bovendien sterkt het de Europese beleidsmakers in hun klimaatbeleid dat hun uitdagende doelstellingen wereldwijd navolging krijgen. Meestal gebeurt dit tegen een trager tempo dan in Europa, maar er is een evolutie in gang gezet die onomkeerbaar is. In alle economieën krijgt de bescherming van het klimaat in meer of mindere mate de broodnodige aandacht. Hiervoor mag Europa zich terecht op de borst kloppen.

Onbekende factor

De F-gaswetgeving EU 517/2014 waarmee de Europese Unie de strijd aanbond met de gefluoreerde koudemiddelen, maakte indertijd veel reacties los. Een veel gehoorde klacht was dat het allemaal veel te snel ging en de industrie onmogelijk de noodzakelijke oplossingen op tijd kon ontwikkelen. Ondertussen is gebleken dat dit een onterechte vrees was, en de industrie zelfs een voorsprong heeft genomen op het uitfaseringsproces van de schadelijke koudemiddelen. Kijk maar naar de ontwikkeling van koelinstallaties en componenten voor gebruik met natuurlijke koudemiddelen. Wie vandaag voor een duurzame en energie-efficiënte koelinstallatie wil opteren die de bestaande wetgeving ver vooruit blijft, kan dit zonder probleem. Maar in voorgaande zin staat een onbekende factor. De ‘bestaande wetgeving’ is gekend, maar wat brengt de toekomst? Hoeveel ingrijpender zullen de maatregelen rond de klimaatdoelstellingen na 2031 nog worden?

Het is een vraag die de koelsector bezighoudt, dus zocht Cool & Comfort Alain Wilmart van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid en Milieu op, een Belg die zowel op Europees als internationaal vlak wordt gewaardeerd voor zijn deskundigheid en onderhandelingsvermogen. Alain Wilmart is senior expert op het gebied van gefluoreerde broeikasgassen en ozonafbrekende stoffen. Hij studeerde aan de ULB master landbouwkunde en master in milieuwetenschap en -management. De jongste 15 jaar was Alain Wilmart verantwoordelijk voor de uitvoering van zowel de F-gaswetgeving als de ozonverordening op federaal niveau waarbij hij de onderhandelingen tussen de drie gewesten coördineerde en nadien het gemeenschappelijke standpunt toelichtte en verdedigde tijdens Europese ontmoetingen. Daarnaast was hij leidend onderhandelaar op Europees en internationaal niveau (o.a. Montreal Protocol en Multilateral Fund for the Implementation of the Montreal Protocol). Vandaag is Alain Wilmart één van de twee covoorzitters van het Preparatory Segment of the Open Ended Working Group of the Montreal Protocol.

Ambitieus en realistisch

“Door actief te zijn binnen zeer diverse beleidsniveaus, ben ik nauw betrokken bij zowel de internationale verdragen op wereldvlak als de uitvoering ervan met onze drie gewesten”, vertelt Alain Wilmart. “Van theorie naar praktijk. Gelukkig vind ik op alle niveaus bij de gesprekspartners dezelfde insteek: onze inspanningen moeten tegelijk ambitieus én realistisch zijn. Dit begint al op federaal niveau. Door de verdeling van de Belgische milieubevoegdheden over verschillende overheden, is overleg noodzakelijk. Hiervoor werd in 1995 het Coördinatiecomité Internationaal Milieubeleid (CCIM) opgericht. Dit comité vloeit voort uit een samenwerkingsakkoord tussen de federale overheid, het Vlaams Gewest, het Waals Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest over het internationale milieubeleid. Dankzij het CCIM kunnen we niettegenstaande de versnippering van de bevoegdheden toch met één unieke stem spreken op de internationale milieuscène. Standpunten worden in consensus genomen, en indien we er niet uitkomen dan blijft België afzijdig tijdens de bespreking.”

Zoals al gezegd, raast de F-wetgeving verder door. Zo zijn er op 1 januari 2020 nieuwe verbodsbepalingen van kracht geworden voor apparatuur met gefluoreerde koudemiddelen: verbod op nieuwe koelkasten en diepvriezers voor commercieel gebruik met HFK’s met een GWP > 2500 en verbod op nieuwe stationaire koelapparatuur met HFK’s met een GWP > 2500 (uitgezonderd militaire toepassingen en productkoeling onder -50°). Op 1 januari 2022 wordt de F-gaswetgeving nog wat strenger voor bovenstaande toestellen en wordt de GWP beperkt tot 150 of hoger indien het een koelsysteem betreft met centraal opgestelde compressoren, voor commercieel gebruik, met een nominaal koelvermogen van 40 kW of meer.

Low-hanging fruits

Alain Wilmart beschikt niet over een glazen bol, maar hij durft wel te voorspellen wat er de komende decennia op de koelsector zal afkomen. “Wat we 20 jaar geleden al zeiden, blijft onverkort van kracht: niets doen is geen optie. Het Montreal Protocol, dat in 1989 van kracht werd, verbood de productie en het gebruik van de ozonafbrekende stoffen (voornamelijk CFK’s en HCFK’s). De afgesproken uitfasering van fluorkoolwaterstoffen (HFK’s) – die de ozonlaag gerust laten maar ook wel een sterk broeikaseffect hebben – kan alleen maar toegejuicht worden, maar het betekent wel dat de Europese Unie nieuwe doelstellingen moet formuleren om dit op lange termijn te bereiken. Binnen Europa is het echter een complex proces om een nieuwe F-gaswetgeving te stemmen. Dit loopt via een dubbel spoor – de Raad van de Europese Unie en het Europees Parlement – en de lidstaten hebben de mogelijkheid om in te grijpen in het voorstel van de Commissie. De nieuwe F-gaswetgeving zal ook een kans zijn om te kijken wat in de vorige wet goed heeft gewerkt en wat beter kan. Ik denk bijvoorbeeld aan de controleprocedures. Het is de wens van zowel de Commissie, de Raad als het Europees Parlement om de nieuwe F-gaswetgeving goedgekeurd te krijgen in de huidige legislatuur, dus vóór de Europese verkiezingen van 2024.”

Alain Wilmart merkt fijntjes op dat de verstandhouding tussen de deskundigen uitstekend is. Komt er een consensus over strengere regels? “Er zullen ongetwijfeld nieuwe uitfaseringen worden opgelegd, maar het is nog veel te vroeg om daar nu al data en getallen op te zetten. Maar laat ons zeggen dat we begonnen zijn met de ‘low-hanging fruits’, m.a.w. de minst pijnlijke maatregelen zijn al opgelegd. De echte uitdagingen komen nu. Ik wil mij echt behoeden voor voorbarige uitspraken, maar kiezen voor natuurlijke koudemiddelen lijkt me een verstandelijke beslissing.”

“We zijn begonnen zijn met de ‘low-hanging fruits’, de echte uitdagingen komen nu.”

Alain Wilmart