REPORTAGE  
Cool and Comfort 71 – november 2016

Eurovent-certificering: een onderschatte meerwaarde

Elke dag opnieuw valt op dat de Eurovent-certificering in de wereld van de koeling en airconditioning te weinig bekend is en het belang ervan onderschat wordt. Daardoor lopen gebruikers aanzienlijke financiële voordelen mis. Güntner GmbH & Co. KG heeft daarom de kans gegrepen om dit onderwerp tijdens het Güntner Symposium onder de aandacht te brengen en een overzicht te geven van de achtergrond, de processen en de voordelen van een Eurovent-certificering. Hieronder vindt u een samenvatting van de presentatie.

De geschiedenis van Eurovent gaat terug tot 1958. Toch zijn veel spelers in de koeling- en airconditioningsector zich niet bewust van wat er achter Eurovent schuilgaat en welke voordelen eraan verbonden zijn voor de gebruikers. Hieronder een korte schets van de geschiedenis, de structuur, de identiteit en de toegevoegde waarde die de Eurovent-organisaties aan de eindklant bieden.

Eurovent: één naam, verschillende organisaties

De naam Eurovent dekt verschillende organisaties die allemaal dezelfde oorsprong hebben, maar verschillende taken voor hun rekening nemen. Het ‘European Committee of Air Handling & Refrigeration Equipment Manufacturers’ – kortweg het Eurovent Committee – doet dienst als vertegenwoordiger van de Europese producenten in de koelings-, airconditioning-, ventilatie- en verwarmingsindustrie en neemt standpunten in via zowel technische als politieke vergaderingen. Het comité bestaat uit één nationale instelling van de betrokken bedrijfstakken per land. Via zijn leden vertegenwoordigt het Eurovent Committee meer dan 1.000 bedrijven in 14 Europese landen.

Eurovent-certificering: onafhankelijke vereniging met een duidelijke identiteit

Om gelijke concurrentievoorwaarden te creëren voor alle spelers op de markt, werd in 1993 de Eurovent Certification Company opgericht. Die zet zich in voor een eerlijke concurrentie en heeft ook als doel om de eindklanten te verzekeren dat de op de markt verkrijgbare apparaten correct werden beoordeeld en dus beter met elkaar kunnen worden vergeleken. Om de juistheid te garanderen van de specificaties van de fabrikant, voeren onafhankelijke laboratoria regelmatig metingen uit op willekeurig geselecteerde toestellen.

Jaar na jaar werden steeds meer certificeringsprogramma’s toegevoegd, onderverdeeld per apparaatgroep. Ondertussen zijn er 36 hoofdcertificeringsprogramma’s. U vindt een overzicht van deze programma’s op www.eurovent-certification.com (Certification Programmes > Programme Descriptions). Güntner is betrokken bij het HE-programma (Heat Exchangers for Refrigeration).


Het overzicht van de hoofdcerticeringsprogramma’s op www.eurovent-certification.com.

Internationaal belang van het HE-programma

Het HE-programma voor apparatuur met koeling- en airconditioningtechnologie werd gestart in 2001. Güntner neemt al sinds de invoering met succes deel aan dit programma. Alle apparaten van het bedrijf zijn dus zonder uitzondering gecertificeerd, al 14 jaar lang. Het HE-programma bestaat uit drie groepen: condensors, vloeistofkoelers en DX-verdampers.

Om aan de certificering deel te mogen nemen, moet elke fabrikant eerst een kwalificatieproces doorlopen. Voor elke apparaatgroep moeten daarbij, afhankelijk van hoeveel verschillende toestellen er in een productreeks worden gemaakt, drie tot tien toestellen worden overhandigd om te worden getest. Als deze toestellen slagen voor de tests, worden elk jaar herhalingsmetingen uitgevoerd op minstens één toestel per groep voor de hercertificering. Als een toestel niet slaagt voor de test, moet een herhalingsmeting worden uitgevoerd of binnen vier weken een correctie worden aangebracht aan de gegevens in alle catalogi en eventueel bestaande software met vermelding van de gemeten waarde. In het daaropvolgende jaar moet bovendien een extra toestel worden ingediend ter controle. Wanneer verkeerde gegevens werden vermeld in verband met het thermische vermogen, zijn dat er zelfs twee. Afhankelijk van het aantal te controleren apparaatgroepen, kan het dan ook grote gevolgen hebben voor de fabrikant wanneer meerdere toestellen niet aan de eisen voldoen.

Daar staat tegenover dat de klant de specificaties van de fabrikant die via deze procedure worden gecontroleerd, voor soortgelijke toestellen kan vergelijken, zodat hij altijd en overal op een betrouwbare manier het juiste toestel kan kiezen voor al zijn projecten. Het Europese marktvolume van de apparaten in deze programma’s is ondertussen goed voor 837 miljoen euro. De gecertificeerde apparaten nemen op die manier 54% van dit volume voor hun rekening.

Controle en certificering van centrale gegevens

Om tot het programma te worden toegelaten en dus hun toestellen te laten certificeren, moeten fabrikanten verschillende specificaties van hun producten laten documenteren, nameten en bevestigen:

  • thermisch vermogen;
  • stroomverbruik van de ventilator;
  • luchtdebiet;
  • oppervlak van de warmtewisselaar;
  • geluidsprestatie-/geluidsdrukniveau voor vloeistofkoelers en condensors;
  • drukverlies aan de vloeistofzijde bij vloeistofkoelers.

De gemeten gegevens worden onafhankelijk gedocumenteerd op de Eurovent-website en zijn toegankelijk voor het grote publiek. Iedereen kan dus op elk moment de gegevens van de gecertificeerde fabrikanten raadplegen en vergelijken. Er is voor elk programma ook een beschrijving beschikbaar van de processen en procedures van de beoordeling (Rating Standards).

Momenteel zijn toestellen met koelmiddelen zoals ammoniak, CO2 of propaan nog uitgesloten van certificering omdat er geen onafhankelijke laboratoria zijn die de passende controles kunnen uitvoeren. Voor CO2-gaskoelers en CO2-DX-verdampers als afzonderlijke apparaatgroep wordt certificering echter mogelijk vanaf 2017: er wordt momenteel gewerkt aan een geschikt laboratorium van TÜV Süd.

Verplichte etikettering: energie-efficiëntieklasse

De indeling van toestellen in energie-efficiëntieklassen is een essentieel onderdeel van de certificering. De energie-efficiëntieklasse is over het algemeen de verhouding tussen het opgenomen elektrische vermogen (ventilatorvermogen) van het apparaat en het thermische vermogen onder gemiddelde omstandigheden. In een voorstel van de Europese Commissie luidt het dat de beste 1% van op de markt verkrijgbare toestellen in Klasse A+ moeten worden ingedeeld, de volgende 5% in Klasse A, de volgende 15% in Klasse B, de volgende 30% in Klasse C en de rest in Klasse D en E. De richtlijn inzake ecologisch ontwerp stelt zelfs voor om in de toekomst bij elke herziening de Klasse E zo te definiëren dat toestellen in deze klasse de limieten in de richtlijn overschrijden en dus vanaf de datum van inwerkingtreding niet langer mogen worden verkocht. Wegens de continue verbetering van de prestaties moet deze indeling om de drie jaar worden herzien om overeen te komen met de huidige stand van de techniek.

Bij Güntner vindt u de informatie over de energie-efficiëntie in de GPC (Güntner Product Calculator) en in de catalogus op het informatieblad van de productreeks in kwestie.


De opdeling in energieklasses.


Het energielabel.


De drempelwaarden per energieklasse.

De voordelen van gecertificeerde apparaten voor de klant

Naast de ondubbelzinnige aanduiding hoeveel energie een apparaat zal verbruiken, levert de certificering nog meer voordelen op die geld waard zijn:

  • De onafhankelijk gemeten, geverifieerde informatie geeft zekerheid bij uw keuze. U kunt uitgaan van nauwkeurige parameters; veiligheidsmarges zijn niet nodig.
  • Dankzij de gecertificeerde informatie kunnen apparaten beter met elkaar vergeleken worden. Hierdoor ontstaat een eerlijke concurrentie met realistische voorwaarden.
  • Het ‘certify all’-principe zorgt ervoor dat fabrikanten zich niet met één bestseller kunnen profileren: de volledige productreeks wordt gecertificeerd, geen enkel apparaat ontsnapt dus aan de controle.
  • Gecertificeerde toestellen sparen de klant geld uit: “Wij raden gebruikers aan om voor een huidig of toekomstig bouwproject ook een keer de berekening te maken van het hypothetische energieverbruik wanneer de prestaties van de warmtewisselaars bijvoorbeeld 20% lager uitvallen. Meestal komt men uit op een terugverdientijd van minder dan 2 jaar voor een gecertificeerd toestel”, zegt Peter Roth, die bij Güntner verantwoordelijk is voor Eurovent.
  • De bevestigde en dus betrouwbare technische gegevens verhogen de investeringszekerheid en garanderen de betrouwbaarheid van de planning en de werking op het vlak van prestaties en energie-efficiëntie van het volledige systeem.

Door Peter Roth, hoofd van het laboratorium bij Güntner GmbH & Co. KG

Afbeeldingen: Güntner

www.guenter.be