CONGRES  
Cool and Comfort 83 – november 2019

Cool & Comfort Conferences

Meeting professionals, sharing experience

Op 7 en 8 november ’19 ging in Technopolis (Mechelen) de eerste editie van Cool & Comfort Conferences door, het congres en netwerkevent met de focus op kennisdeling en ervaringsuitwisseling. De tweedaagse werd ondersteund door een 35-tal partners, waaronder fabrikanten, distributeurs, groothandels en servicebedrijven. De eerste editie was al meteen een schot in de roos met tevreden congresbezoekers én exposanten. “Maar alles kan beter”, denkt Filip Cossement (FCO Media) al vooruit. “Samen met de partners zullen we het congres finetunen zodat de volgende editie nóg beter wordt.” Dat belooft!

Door Rudy Gunst

Het congresprogramma werd zodanig opgebouwd dat verschillende doelgroepen – adviseurs, facility managers, energiedeskundigen, architecten, industrie, eindgebruikers – zich aangesproken voelden, maar dé doelgroep die overduidelijk het sterkst was vertegenwoordigd waren de HVACR-installateurs. De reden hiervoor was zonder twijfel de grote nood aan informatie rond de grote uitdagingen die op de koelsector afkomen – wetgeving, uitfasering, natuurlijke en brandbare koudemiddelen, eindgebruikers die strengere eisen stellen qua energie-efficiëntie en duurzaamheid – en een congresprogramma dat rond deze uitdagingen was samengesteld.

Masterclass

Getuige hiervan de nokvolle zaal voor de masterclass ‘Dimensionering van een koelinstallatie anno 2019’ door Jurgen Buckinx, zaakvoerder van Cool & Energy Consult en voorzitter van de beroepsfederatie UBF-ACA. Een presentatie waarin hij meer dan eens de zaal wakker schudde met wettelijke verplichtingen die bijna niemand kent of weet-je-datjes die het leven van de koeltechnieker eenvoudiger maken.

“De dimensionering van een koelinstallatie ligt aan de basis van de goede werking doorheen de volledige levensduur”, laat Jurgen Buckinx er geen gras over groeien. “Achteraf is het gemakkelijk om de schuld voor een slechte werking bij de servicetechnieker te leggen, maar hij moet het doen met een installatie die iemand anders heeft geselecteerd. Hoeveel installaties zijn er niet overgedimensioneerd. Waarom? Omdat er geen degelijke berekeningen worden gemaakt. Achteraf duiken er problemen op omdat de onderlinge afstemming van de componenten niet correct is. Valt het jullie ook op dat het meestal de ‘laatste’ verbruiker is waar de prestaties ondermaats zijn? Meestal moet je niet ver zoeken naar de oorzaak hiervoor: de leidingen werden verkeerd gedimensioneerd.”

“Vandaag is een correcte dimensionering belangrijker dan vroeger. Tot enkele jaren geleden werd er door de eindgebruiker (te) veel vergiffenis geschonken., want de klant had geen kennis of controle over zijn installatie, er waren amper monitoringsystemen, energie was goedkoop en nog geen thema en de winstmarges lagen hoger waardoor er geen focus lag op kostenverlaging. De koeltechnieker beheerste de frequent gebruikte koudemiddelen en wist precies wat er moest gebeuren als er iets fout ging. Daarnaast was er nauwelijks inspectie en externe controle, waardoor de klant meestal zelfs geen weet had van lekverliezen.”

Stel vragen!

Vandaag wordt er toch wel anders tegen een koelinstallatie aangekeken. In veel bedrijven is dit – na het bedrijfsgebouw – de grootste investering. Maar hoe begint de koeltechnieker aan het ontwerp van een koelinstallatie? Door vragen te stellen aan de klant! Hierbij botst de klant zelf ook vaak op zijn beperkte kennis of heeft hij er nog amper over nagedacht. Voor de klant is het productieproces primordiaal, en de koelinstallatie maar een hulpmiddel. Dus moet de koeltechnieker meedenken, analyseren en oplossingen voorstellen. Hoe meer informatie hij bezit, hoe beter het ontwerp, hoe beter de oplossing die wordt aangeboden, hoe groter het respect voor de vakman.

Jurgen Buckinx: “Een koelinstallatie = 50% koeltechnische kennis + 50% kennis van het product, het proces en de noden van de klant. Er bestaat geen formule van gelijktijdigheid, enkel de ‘vogelpik-formule’. Gelijktijdigheid wordt bepaald in functie van de werkingstijden, de productflow, de oriëntatie versus deuropeningen, het werkingsregime, dag/nacht, zomer/winter,… en is verschillend voor elk project.”

De verschillende componenten van een koelinstallatie kwamen aan bod, maar Jurgen Buckinx had speciale aandacht voor het vloeistofvat, en dit zowel om praktische als koeltechnisch/thermodynamische redenen. “Het vloeistofvat is om verschillende redenen zeer nuttig. Het vangt vloeistoffluctuaties op die door de wisselende capaciteit van de verbruikers ontstaat. Het laat toe om herstellingen uit te voeren en alle vloeistof uit de installatie te verzamelen (wat wettelijk verplicht is). Het laat ook via niveaudetectie toe om te controleren of er voldoende koudemiddel in de installatie aanwezig is zelfs om vroegtijdig kleine lekken op te sporen. Na de condensor komt de ‘vloeistof’ in het vloeistofvat terecht. Een vloeistofvat bevat zo goed als altijd een gedeelte vloeistof en een gedeelte gas. Hierdoor bevinden we ons op de rand van het verzadigings- of overgangsgebied. Onderkoeling kan enkel plaatsvinden als alle gas gecondenseerd is en de vloeistof verder wordt afgekoeld.”

Commerciële koeling

Een andere presentatie waarvoor de zaal volliep, was die over commerciële koeling, georganiseerd door Energik in samenwerking met Comeos die de Belgische handel en diensten vertegenwoordigt. De leden zijn actief in 18 sectoren. In de Green Deal van Comeos lezen we de ambitie om binnen de sector tegen 2030 de inzet van klassieke koudemiddelen tot een minimum te herleiden en de uitstoot van F-gassen quasi volledig terug te dringen. Hiervoor wordt gekeken naar de koelsector voor technische alternatieven, milieuvriendelijke koudemiddelen en een betere opleiding van koeltechnici. Twee vooraanstaande spelers op de Belgische markt namen het woord: Delhaize en Lidl.

Hoe slaagt Delhaize in de reductie van de klimaatbelasting van zijn koelinstallaties? “Door een combinatie van maatregelen”, legt Tom Vandenberghe, Energy Manager bij Delhaize Belgium, uit. “Zoals de keuze voor nieuwe installaties op R744 met vermindering van het koelvermogen en retrofitten van koelinstallaties op R404A naar R448A en R449A. Maar ook door o.m. een striktere opvolging van lekkages en het challengen van frigoristen.”

“Verlaging van de GWP door retrofit is een tijdelijke maatregel, maar je koopt er wel tijd mee waardoor de koelinstallatie 10 jaar langer aan de F-gaswetgeving voldoet en dit zonder nieuwe centrale en condensor, nieuwe koel- en diepvriesmeubelen, nieuwe verdampers en nieuw leidingwerk. Maar Delhaize stelt een probleem vast: binnen de Ahold Delhaize Group verschillen de gemiddelde lekkages over alle supermarkten en koelmiddelen heen sterk in het nadeel van Delhaize in België in vergelijking tot Albert Heijn in Nederland (zelfs met factor 3). Delhaize is dus ontgoocheld over de dienstverlening van de frigoristen.” Onbeantwoord bleef de vraag of de opgegeven lekpercentages bij onze Noorderburen volledig betrouwbaar zijn, in die mate dat er mag gesteld worden dat de Nederlandse koeltechnieker beter is dan Belgische? Nederland is toch ook het land waar bij hoog en bij laag wordt beweerd dat er sinds 1 januari 2015 geen enkele druppel R22 meer werd bijgevuld op de vele koelinstallaties met het ondertussen verboden koudemiddel die er nog draaien?

Wouter Dolphens, teamleader filiaaltechniek & koeling bij Lidl Belgium, gaf uitleg over de Green Deal van Comeos en projecteerde deze binnen zijn eigen groep. “Lidl onderschrijft de doelstellingen van Comeos en werkt hieraan met verschillende maatregelen, zoals een digitaal logboek voor commerciële koeling en klimatisatie, vervangen van oude installaties, dieptereiniging van buitentoestellen, regeneratie van synthetische koudemiddelen, continu monitoren van de koelinstallaties en een actieplan om de alarmen en verliezen met 30% te verminderen. Lidl wil tegen eind 2020 12,5% van de energieconsumptie invullen door eigen hernieuwbare energie. Om de impact op het klimaat door de koelinstallaties terug te schroeven, kiest Lidl resoluut voor natuurlijke koudemiddelen. Hoe cool is dat?”

www.coolandcomfort.be

“Een koelinstallatie = 50% koeltechnische kennis + 50% kennis van het product, het proces en de noden van de klant.”

Jurgen Buckinx (Cool & Energy Consult)